Kritiek Op Artikel Over Henk Helmantel In De Hp

Door Fredvanderwal gepubliceerd op Friday 28 September 12:12

ARTIKEL OVER HENK HELMANTEL IN HP DE TIJD

ARTIKEL OVER HENK HELMANTEL VAN BERT NIJMEIJER IN  “HP DE TIJD” VAN WEEK 45  MUNT UIT DOOR GEBREK AAN KENNIS VAN HET ONDERWERP EN HET STIJLE CALVINISME

Eind augustus 2007 belde de HP De Tijd medewerker Bert Nijmeijer mij op om inlichtingen over mijn ver meende rancune tegen de stijl gereformeerde Groningse kunstschilder Henk Helmantel. Hij was er stellig van overtuigd dat ik met het torpederen van de reputatie van Helmantel dag en nacht bezig was. Ik moest er hartelijk om lachen en zei dat ik in de Bourgogne waar ik woon vrijwel nooit aan deze schilder denk, hem als een verwaarloosbare factor in de Nederlandse beeldende kunst beschouw, zijn geschilderde potjes en pannetjes mij snel vervelen en z’n van Saenredam gepikte kerkinterieurs niet meer dan als achter haal de clichés zie.
Ik vind de geschilderde plaatjes van Helmantel kunst voor EO leden en andere domme mensen. Het ge sprek met de beleefde Nijmeijer duurde ongeveer een half uur, maar de weergave van mijn puntsgewijs toegelichte bezwaren tegen de kitsch van Helmantel vond ik niet terug in de acht regels van het eenzijdige artikel, die hij aan mijn mededelingen wijdde, waar mee de neiging tot inlegkunde en opper vlakkigheid van de gemiddelde journalist weer eens bewezen is.

                                    DE BIOTOOP WAARIN  HENK HELMANTEL FLOREERT

In 1976 kwam ik in contact met twee gereformeerde doctoraal studenten van de faculteit kunsthistorie VU te Amsterdam , de Amerikaanse Paul Clowney (de huidige directeur van een strip museum te Londen)  en John Vrieze (sinds enige tijd directeur van het COBRA Museum) , die via het CCSC (Christelijk Cultureel Studie Centrum) naar aanleiding van een interview met mij in De Tijd het artikel opgestuurd kregen. De dominees zoon Clowney en zijn boezemvriend Vrieze studeerden af bij de conservatieve, fundamentalis tische, op art. 31 vrijgemaakt gereformeerde prof. H.R. Rookmaaker die een omstreden  boek tegen de moderne kunst had geschreven onder de pretentieuze titel “ Modern  Art and the death of a culture”.
Rookmaaker (voor intimi Rookie) hield er vreemde theologische opvattingen op na en zag de zeventiende eeuw als het Duizend jarig rijk, zoals in Openbaringen voorspeld (bron: JoAnn van S.).
De professor was oprichter van l’ Abri Nederland, een Stichting die maatschappelijk wrakhout en licht gedrogeerde, ontspoorde, lichtzinnige meisjes met artistieke neigingen weer op de rails trachtte te zetten op streng christelijke basis onder leiding van de stalen dominee Wim Rietkerk.
Tussen juni en sept. 1976 sprak ik Rookmaaker enkele malen. Zijn assistent drs. Graham Birtwistle (uni versitair docent VU) vertelde mij dat hij nog nooit zo negatief over het beeldende werk van een kunste naar had gesproken als over mijn werk. Het resulteerde in een verbod de seminars van Rookmaaker te bezoeken. Paul Clowney had mij voor gedragen als toehoorder. Drs. Graham Birtwistle nam onze huur wo ning in de Watergraafsmeer in 1978 over tegen de helft van de verbouwingskosten, zoals afgesproken. Ja ren later hoorde ik van drs. H. v. S. dat de ondankbare hond achter mijn rug om mij op onheuse wijze be tichtte van oplichting. In 1985 trok hij de beschuldiging in toen ik daarover bij hem navraag deed.
Het is kenmerkend voor het achterbakse, lasterlijke, stiekeme, gereformeerde milieu waar Henk Helmantel zich in thuis voelt als een goudvis in een vissenkom. Het werd mij snel duidelijk persona non grata te zijn in de stijl gereformeerde setting rond Rookmaaker waar Henk Helmantel toe behoorde.
Zomer 1976 nam ik op uitnodiging van Paul Clowney deel aan een conferentie van christelijke (lees: op art. 31 vrij gemaakt gereformeerde) kunstenaars te Zwiggelte Drenthe in de ruime boerderij van de teken leraar Jan van Loon georganiseerd door de vrij gemaakt gereformeerde eeuwige student filosofie Hans van Seventer, een gereformeerde corpsbal. 
Door de beide organisatoren van de week werd mij de eerste avond duidelijk gemaakt dat de invitatie van mij door Paul Clowney op een vergissing berustte en ik niet welkom was als onkerkelijke. Ik kon de week uitzitten als ik mij onthield van enig commentaar op de lezingen, de Bijbel studies en de opvattingen van de andere deelnmers, bijna zonder uitzondering onbenullige teken leraren in opleiding.
Mijn documentatiemap mocht niet getoond worden, een toelichting op mijn werk geven niet gewenst en deel nemen aan de expositie van de christelijke kunst van de andere conferentiegangers voor mij verbo den. Het waren zonder uitzondering onbeholpen schilderijen van Jezussen die aan het kruis hingen of af beeldingen van de boom van kennis van goed en kwaad in het paradijs en een groot aantal abstracte werk en van tekenleraar Jan van Loon. 
De organisatoren van de conferentie lieten zich afkeurend uit over mijn deelname sinds 1968 aan de BKR die een bestaansminimum garandeerde. Mijn roomskatholieke echtgenote werd op geloofsgronden niet serieus genomen door het gezelschap van blikken dominees. Urenlange discussies door de deelnmers aan de conferentie die zomer 1976 of je als christen wel naar een LP  van Bob Dylan uit 1961 mocht luisteren leidden tot niets, behalve verhitte discussies en venijnige opmerkingen.
Tijdens deze conferentie ontmoette ik de plat Gronings knauwende ex-ULO leerling Henk Helmantel die schilderijtjes op gordijnring formaat van beukenootjes, walnoten, appeltjes en peertjes toonde. Ik was niet onder de indruk. Hij exposeerde zijn werk bij de commerciele Galerie Mokum te Amsterdam vanaf 1971, een galerie waar ik van 1966-1973 en 1978-1980 als vaste exposant aan verbonden was. Na 1973 werkte de eigenaresse de eigentijds werkende realisten en figuratieven de galerie uit waar ik toe behoorde. Een staaltje van een gebrek aan visie en mismanagment die Galerie Mokum ook onder de slordige opvolgers van Dieuwke Bakker in een isolement in het Nederlandse kunstenaarsplantsoen dreef.
Ik streefde  een realistische kunst na die niet om keek naar de Oude Meesters, het academisme of de ver leden tijd. Het imiteren van 17- e eeuwse schilderijen vond ik een verwerpelijke zaak. Helmantel een sullige onbenul.
De zwaar behaarde en bebaarde Helmantel weigerde om onbekende redenen met mij te praten tijdens de conferentie in Zwiggelte in 1976. Wellicht was de reden dat ik uit Amsterdam kwam, een stad die in stijl gereformeerde kringen beschouwd werd als het Sodom en Gomorrha van het Noorden. De net van zijn vrouw gescheiden gefrustreerde grafisch ontwerper M. d. K., een Joodse beroepsquerulant uit Kampen, deelde mij enkele jaren later mee dat hij er alles aan zou doen om mij buiten de christelijke akademie te houden, samen met drs. Hans van Seventer en tekenleraar van Loon.
Mijn ingediende sollicitatie trok ik voor de behandeling van de sollicitaties schriftelijk terug toen ik dat hoorde. De eerste directeur van de academie, een ex-timmerman, schreef mij een beledigende brief, zijn opvolger, de in Friesland woonachtige geborneerde, gesubisidieerde percentageregelings staatskunstenaar Jan Maaskant verklaarde tegen zijn docent M.d.K. dat hij niets met mij te maken wilde hebben. M., die pretendeert last te hebben vqn de verwerking van de Holocaust  was zo goed  dat snel over te brieven.
In mijn karate periode schreef ik Maaskant een briefje dat ik wel even langs wilde komen om zijn kop er af te trappen met een Mawashi Geri. Per omgaande kreeg ik een excuusbrief van deze kunstartiest, waarin hij op weinig geloofwaardige wijze zijn uitlating terug trok.
Hij zou de eerste niet zijn geweest die ik genadeloos in elkaar sloeg, want dankzij vier maal karate, drie maal fitness, hard lopen en boksles van de ex kampioen Lolle van Houten had ik me een stoot spierkracht in mijn mussels waar een bootwerker jaloers op kon zijn. Wie niet horen wil moet voelen, was altijd mijn devies. Rikketikketik, daar gaat je kunstgebit.

                  CALVINISTISCHE KILHEID EN DE MAFFIOSE GRISTENDEMOCRATIE

Een maal bezocht ik Helmantel in 1981 in Westeremden op een zondagmiddag in zijn tot middeleeuws klooster omgebouwde huis waar de calvinistische kilheid en smakeloosheid van de inrichting op viel. Ik bleef niet lang; hij deelde mij mee een duister persoon te zijn en bad voor het middagmaal een merkwaar dig smeekgebed, “opdat de laatste duisternissen uit mijn verstand mocht worden weg genomen door de Heere Heere der Heerscharen”. Ik keek van deze religieuze paranoia show enigszins op. De Heer heeft nu eenmaal rare kostgangers in kunstenaarsland, maar zoiets had ik nog nooit mee gemaakt. Na enig aan dringen kon ik een pijpje alcoholvrij bier krijgen. Een tweede werd mij geweigerd. Het was zondag, de dag des Heeren, waar op eigenlijk niet geschonken werd, behalve slappe thee.

In 1976 was de Christen Democratie aan het groeien. Eindelijk gingen conservatieve christenen uit het beeldend onderwijs moed vatten om de eigen identiteit om te zetten in door de overheid gesubsideerde instituties. Onder leiding van prof. Rookmaaker en het CCS schreven Clowney en Vrieze een profiel schets voor een op te richten christelijke academie te Kampen. Clowney vroeg mij voor een docentschap vrije schilderkunst, hetgeen ik accepteerde, daar ik net uit de contraprestatie was gewerkt door een lid van de Amsterdamse aankoopcommissie (R.L.) in samenwerking met een accountant van de Gemeente Am sterdam. Op hetzelfde moment werd het adjunt-directeurschap van mijn echtgenote aan Academie De Schans opgeheven vanwege bezuinigingen. We keken aan tegen een periode van enkele maanden wacht geld, waarna de bijstand ons wachtte. De BKR commissie liet mij weten door een langharige, jeugdige medewerker van de Sociale Dienst dat ze er alles aan zouden doen om mij buiten de BKR te houden toen hij ons interieur in de ruime benedenwoning bekeek.
De bekende kunstenaarsrancune en jaloezie van het vaderlandse artistieke luizen troepie vierde toch al hoogtij. Commissielid R.L., een totaal onbegaafde, hasj doorrookte abstracte schilder, die naast ons aan de Bilderdijkkade woonde, verklapte in een dronken bui dat hij bij elke aankoop van de Gemeente Amster dam tegen mijn werk stemde als enige uit de commissie. Hij woont nu voor straf drie hoog achter in de Leclerqstraat  waar dag en ancht benzineslikkers voorbij razen en kankerverwekkende PCB’s uitstoten. Ik wens hem een goede gezondheid in de grote stofstad.

Bert Nijmeijer heeft zijn journalistieke huiswerk niet gedaan als hij de sloop van de prachtige Jugendstil villa en de bouw van de nep en namaak pastorie het werk noemt van Helmantel zelf. Het gebouw is opge trokken door een aannemer en een aantal dorpelingen, die nooit betaald werden voor hun werk, heb ik uit navraag begrepen en Helmantel heeft slechts enkele keren  een kruiwagen met kloostermoppen enkele tientallen meters verder gereden. Niet alles voor zoete koek slikken, Bert Nijmijer, wat onze miskende martelaar van marterhaar Henk uit Westeremden je in de maag splitst.
Multimiljonair Helmantel slaagde er in zijn protserige namaak middeleeuwse imitatie pastorie zelfs op de monumentenlijst te krijgen zodat hij subsidie krijgt en extra belasting aftrek voor onderhoud.
Om zijn liquide vermogen voor de inkomstenbelasting te verkleinen in Box 3 koopt hij op internationale antiekbeurzen zoveel mogelijk renaissance meubelen en middeleeuws antiek toen eikenhout nog eiken hout was.

Begin jaren negentig bezocht ik op uitnodiging van de EO producer H.v.S. nog eens tegen mijn zin een religieuze bijeenkomst bij Henk Helmantel. Er waren een vijftigtal somber kijkende calvinisten verzameld in één van de grote hallen in zijn kot. Ouderwets geklede mannen en vrouwen die elkaar met opeen ge klemde lippen argwanend bekeken. Multimiljonair Helmantel verzocht mij voor een verschrompelde ap pel uit zijn tuin, een droog wit kadetje en een kopje oploskoffie maar liefst f 7,50 te betalen. De aangebo den gastvrijheid van gereformeerden kost altijd geld.

Reacties (3) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Moeilijk om over te oordelen, blijf je volgen en je hebt er een fan bij!
Ik ben het met Arcade èn met Taco (ont)roerend eens.
En dat komen we tegenwoordig tochz lden tegen.
Dank Arcade en Taco voor reactie!
k doe met Arcade mee, maar inderdaad ik kan er geen oordel over geven. Duim voor je verhaal! Taco