Wandelen door Schiedam: de Talmalaan

Door Prlwytskovsky gepubliceerd op Friday 28 September 12:12

Wandelen door je oude buurtje waar je bent opgegroeid. Stilstaan bij herinneringen, leuk en minder leuk. En zou die wereld op dit moment nog kunnen bestaan? Ik vraag het mij af en mijmer ....

Treurig loop ik door mijn geliefde woonwijk waar ik opgroeide en als nozem mijn stempel  zette.  De wijk Nieuwland is niet meer wat het ooit was, nee erger nog: het lijkt nu wel een nieuw land. Nederlanders ontdek je er maar weinig. Kijkend naar de verpaupering ontgaat mij de herkenning maar dat heb ik al eens beschreven. Schiedam doet wel zijn best om de wijk er goed uit te laten zien door bijvoorbeeld nieuwbouw maar de treunis blijft voor mij nadrukkelijk aanwezig. Waar ooit een katholieke kerk zijn parochianen inpalmden zie ik nu een moskee.

Ik loop door de Talmalaan en herinner mij buurman Mulder die altijd met auto’s in de weer was zoals een Ford-Taunus 10m of 12m; zijn zoon Jan hielp hem soms daarbij. Buurman de Vries met zijn Ford Versaille en zijn zoon Aadje, Karel van loon met zijn rode Jawa motor. Het zijn herinneringen waar ik niet één spoor van terug vind. Ja, de huizen staan er nog maar die zijn ook al verbouwd en aangepast aan de huidige tijd en daarom onherkenbaar voor mij.
De garage’s waar van de Pas zijn eerste markiezen bouwde en groenteman Saas zijn nering dreef zijn nog terug te vinden maar volkomen onherkenbaar. De sigarenboer op de hoek is dichtgetimmerd met tralies maar wel nog herkenbaar aanwezig. In mijn tijd brandde daar altijd een gasvlammetje op de toonbank, om mensen die elke dag één sigaar kochten aan vuur te helpen en daarbij een sociaal praatje te maken.

Ook kwam elke dag een melkboer door de straat. A.J.Kerklaan stond erop zijn auto en dat was lachen met die man. Die kon rekenen zeg, daar kunnen ze nu een puntje aan zuigen. Als een pratende telmachine raffelde hij alle bedragen bij elkaar en presenteerde als zodanig de rekening aan de wachtende, en soms smachtende huisvrouwen. Ik mocht weleens met hem meerijden naar de Dr. Boslaan, verder niet. Een wereldreis voor mij, en eigenlijk was het maar één straat verder. Een donkergrijze Opel record had hij, een bestel uitvoering en die kar stond vol met kratten met rinkelende flessen en andere zooi; achterin had hij een melktank met aftapkraantje voor de losse melk.

Er reed een vrachtauto door de straat van de zuurstoffabriek, geladen met zuurstofflessen. Een groene DAF met trailer die in de Dr. de Visserlaan keerde op de lus aan het eind van de straat; daar woonde de chauffeur. Ik ging altijd kijken als die auto er stond, machtig gezicht vond ik dat.

Een olieboer met een bruin paard en een gele wagen kwam elke zaterdag door de straat, zand, zeep en soda verkocht hij er ook bij. Wat dacht je van een schillenboer? Twee keer per week kwam hij met paard en wagen, en later toen de modernisering toesloeg met een ijzeren hond. Ken je die nog? Zo’n teringding waar je eerst een uur aan een touwtje moest rukken om hem aan de praat te krijgen om dan bij het volgende portiek de “Bernhard moteur” weer af te zetten. Want zo heten die motortjes. Zorgvuldig scheidde hij met blote handen het brood van de schillen, gooide zijn jutte zak over zijn schouder en liep het volgende portiek in.

Ik stop even bij het voorlaatste portiek nabij de Schaepmansingel en denk hier nog even terug aan de begin jaren 50 op de plek waar het paard van de schillenboer neerstortte en roerloos op de grond bleef liggen. De schillenboer knielde bij het paard neer en sprak ermee. Hij tilde het paardenhoofd op en streelde het, en zei tegen het paard dat alles goed zou komen. Na een tijdje stond het paard wankelend op en trok de kar de hoek om. Nooit heb ik het paard weer gezien.

Huishuuuuurrrrrrrrrrrrrrrrrrrrr schreeuwde een stem, nadat de eigenaar van de stem alle acht bellen met twee duimen beurtelings had ingedrukt. Zenuwachtig dribbelde de huisvrouwen met hun geld de trappen af om de man te betalen. Met een paar straten aan huurpenningen in zijn zakken liep de man met een gerust hart terug naar zijn kantoor.

Het pleintje waar ik leerde rolschaatsen is niet meer en ook het laantje waar ik voor het eerst op een fiets stapte is verdwenen. Het grasveld waar wij, Niekie, Harry, Pimmetje en ik ooit tegen andere straten voetbalden is er nog wel, maar het ligt er leeg en verlaten bij.

Mijn Schiedam, wat is er met je gebeurd?

©Prlwytskovsky.

Reacties (6) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Mooi artikel over nostalgie,graag gelezen, duim erbij!
Toch weer genoten van je wandelingen Peet, liep weer een stukje mee. groet en duim van lena
Denk dat iedereen zo zijn verhaal heeft over zijn geboortestad, en wat er mee gebeurd is. Ontroerend, duim.
Niet alleen wij veranderen maar onze oude vertrouwde omgevig(en) ook!
Dat merk je pas als er na jaren weer eens komt.
Duim.
dikke duim van je fan erbij voor je artikel !
Zeer mooi artikel!