Hoe van je tuin een natuurgebied maken

Door DailyXead gepubliceerd op Friday 28 September 12:13

Iedereen heeft graag beestjes in de tuin, en deze beestjes zijn ook zeer nuttig voor de tuin. Wel zal je een aantal aanpassingen moeten doen om je tuin diervriendelijk te maken.

  • De basis

Wil je een steentje bijdragen aan de natuur, dat kan. Het is ook heel gemakkelijk. Om van je tuin een natuurgebied te maken heb je variatie nodig. Dat betekent geen korte grasvlakte, maar een beetje gras, een boom , een aantal struiken,... Ook is het goed om de blaren van struik of boom niet weg te gooien, keer ze op een hoop in een hoekje van de tuin. Dan kan het een thuis geven aan insecten, die voedsel zijn voor grotere beestjes. De andere voorwaarde voor dieren is een habitait of huisje.  Enkele leuke en nuttige dieren voor je tuin:

  • De egel

Je ziet geregeld egels over de weg trippelen of je hoort ze ’s avonds scharrelen in de tuin. Te veel auto’s op straat en te veel gif in onze tuin doen het aantal egels afnemen. Bovendien zijn onze tuinen te steriel geworden. De egel vindt steeds minder voedsel en overwinterplekjes. Help hen aan een huis.

Bouw een egelhuisje
Egels overwinteren graag onder een hoop hout, takken of  bladeren. Daar zitten ze niet alleen warm en droog, ze vinden er ook genoeg andere diertjes zoals slakken of insecten. Ideaal dus als ze tijdens hun winterslaap een hongertje voelen opkomen.

Je kan een extraatje doen door ze een winterverblijf te kopen (foto). Er eentje bouwen is nog veel fijner. Egels zijn niet erg kieskeurig. Ze moeten wel warm en droog zitten en er moet voldoende verse luchttoevoer zijn in het egelhuis. Je kan het egelhuisje achteraf bedekken met bladeren en takjes. Dat zorgt voor extra beschutting en isolatie.
Een egelhuisje kan je maken uit een houte kistje. Maak een deurtje aan de voorkantmet een ganggang, en een raampje bovenaan de andere kant voor ventilatie. Leg stro of blaren op de bodem voor een zachte ondergrond. 

  • De bij

​Bijen zijn cruciaal voor het leven op onze planeet. Toch gaat hun situatie er dramatisch op achteruit, want ze vinden te weinig eten en er zijn te weinig holletjes om in te wonen of eitjes te leggen voor de wilde bij. Natuurgebied bouwen voor de bij is dus een hoognodige zaak. Hoe doe je dat?

Zorg voor bijvriendelijke bloemen en planten

Van het vroege voorjaar tot en met het najaar hebben bijen voedsel nodig. Plant of zaai dus bijvriendelijke bloemen en planten die op verschillende tijdstippen bloeien. Kies oorspronkelijke soorten eerder dan gekweekte siersoorten. De Latijnse naam is een indicatie maar nog geen garantie. Hou bij de keuze ook rekening met de natuurlijke standplaats van de planten: bodem en vochtigheid, voorkeur voor zon of schaduw.

Deze planten blinken uit in het aantrekken van bijen

  • op droge grond
    • beemdkroon
    • vetkruidsoorten zoals hemelsleutel en muurpeper
    • anijsplant
    • bergamotplant
    • kattenkruid
  • op vochtige grond
    • koninginnenkruid
    • grote kattenstaart
    • herfstaster
    • blauwe knoop
    • zilverkaars

Bouw een bijenhuis

Dat kan heel eenvoudig door gaatjes te boren in een blokje hard hout. De gaatjes moeten zo’n 10 cm diep zijn en 2 tot 9 mm breed. Een bijenhuisje heeft minstens 20 holletjes. Maak ze toe aan één kant zodat het niet gaat tochten in het bijenhuisje. Een bundeltje bamboe werkt ook. Hang het huisje op een zonnige plek en bevestig het aan een boom, hek of balkon. Zijn er bloemen in de buurt, dan zullen de bijen er graag komen wonen.

Bouw een bijenhotel
Laat je eens helemaal gaan en bouw een bijenhotel. Vanaf 100 holletjes kan je een bijenhuis een hotel noemen. De impact van zo'n actie is enorm: honderd bijen bevruchten duizenden bloemen, planten en fruitbomen in je naaste omgeving. Je bouwt dus veel nieuw waardevol natuurgebied.

  • De vleermuis

Niet echt het lievelingsdier van de mens maar toch zijn het zeer nuttige beesjes. Vleermuizen vangen op één nacht zo’n drieduizend insecten waaronder veel muggen. Dat is evenveel als hun eigen lichaamsgewicht. Een belangrijke schakel in ons ecosysteem dus en bovenal een prachtig diertje.

Helaas verminderen ze in aantal, en zijn ze nu zelfs een bedreigde soort.

Maak een vleermuizennestkast

Koop een vleermuizennestkast of maak er zelf één (voor gevorderden)

Hang die minstens 3 meter hoog op een rustige, zonnige plaats. De vleermuis moet zonder hindernissen op en aan kunnen vliegen.
Hang de kast niet achter een boom of struik.

Het houtoppervlak van de binnenzijde en de aanvliegplank moeten ruw zijn. Vleermuizen hebben houvast nodig om naar boven in de kast te klimmen. Je helpt hen door het hout op te ruwen of een gaas aan te brengen.

Vliegen er vleermuizen in je buurt, dan maakt je nestkast een goede kans om snel bewoond te raken. Mogelijk zelfs door verschillende exemplaren want vleermuizen zijn gezellige diertjes.

 

Plant en zaai nachtbloeiers

Vleermuizen zijn gebaat met meer groen in onze tuin. Ze oriënteren zich met hun sonarsysteem en gebruiken bomen en hoge struiken als baken. Zonder die herkenningstekens zijn ze hopeloos verloren.

Er zijn ook planten die de vleermuis aan voedsel helpen. De teunisbloem, nachtsilene en kamperfoelie bijvoorbeeld. Ze bloeien ‘s nachts en trekken met hun bedwelmende geur vleermuizenvoedsel zoals nachtvlinders aan. Plant of zaai dus zeker enkele nachtbloeiers.

De teunisbloem is een tweejarige plant, ideaal voor in een rotstuintje. Zaaien in volle grond kan van juni tot augustus. Nachtsilene behoort tot de anjerachtigen en groeit het best in de zon of halfschaduw op voedselarme bodem. De kamperfoelie is een slingerplant en erg dankbaar want gemakkelijk te kweken. ’s Nachts verspreiden ze een onweerstaanbare zoete geur. Ideaal voor op het terras of balkon dus.
                

Leg een vleermuizendrinkplaats aan

Plaats een grote platte schotel in je tuin en vul die met water. Het aanleggen van een ondiep poeltje helpt ook. Overdag drinken de vogeltjes er van en ‘s nachts de vleermuizen. Ze vliegen dan ook rakelings over het wateroppervlak om in de vlucht slokjes te nemen. Een prachtig schouwspel.

 

Heb je alles in elkaar geknutselt, dan is het wachten geblazen. Een huis garandeerd immers geen bewoner. Heb geduld, zodra een diertje je huisje heeft gevonden, zal het niet snel meer weggaan.

Reacties (0) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.