Mensen met autisme

Door GHopman gepubliceerd op Friday 28 September 12:12

Een autist kiest een boek uit.

Nu wil het toch weten…


Al negen jaar werk ik bij een boekhandel in de stad. Het is een grote boekhandel, met een heel uitgebreid assortiment en de zaak waar ik voor werk bestaat al meer dan dertig jaar. Ik werk er met groot plezier en ik ben vooral bijzonder geïnteresseerd in welke klanten wat kopen. Na al die jaren heb ik de klanten wel leren kennen en herkennen. Vaak maak ik een praatje met ze en meestal weet ik wel naar wat voor genre boek de klanten op zoek zijn. Dat geeft een persoonlijk karakter aan mijn werk. Maar soms heb je klanten waar je maar geen contact mee krijgt. Een van hen is zo een bijzondere man, daar zou ik zo graag meer over willen weten, maar ik krijg nooit contact met hem.


En vandaag zie ik hem weer. Hij komt elke twee weken wel een keer, nooit op een vaste dag, nooit op zaterdag. Ik zag hem al in de stad lopen, toen ik even voor mijn lunch de winkel uit kon. Hij is niet erg groot, loopt altijd met afhangende schouders en een gebogen rug. Meestal heeft hij een wandelstok bij zich en het lijkt alsof elke stap hem moeite kost. Hij kijkt niemand aan, tuurt meestal vaag vooruit of naar de grond. Op zijn hoofd draagt hij altijd een hoedje: in de winter een warme muts, op minder koude dagen een regenhoedje. Het ding is al flink verschoten, maar kennelijk kan hij toch niet zonder. Ik weet dus niet of hij kaal is, of haar heeft. Al meteen zie ik dat hij het is, want ik herken de gele winterjas of het rode vest en het meest opvallende zijn zijn rode hoge gympen. Hij draagt een bril en buiten, bij licht weer, een zonnebril. Als je langs hem loopt en hem groet, kijkt hij je niet aan, hij groet je niet. Zou hij doof zijn of zou hij me gewoon niet herkennen? Dat is natuurlijk ook een mogelijkheid. Af en toe zie ik hem samen met een vrouw. In de stad, als het erg druk is, loopt hij dan achter haar aan. Zij is vaak gekleed in kleurige kleren, heeft al grijzend haar wat volgens mij helemaal niet bij haar leeftijd past. Ze draagt broeken met wijde pijpen, een das of sjaal uit de jaren ’70, haar haar wat alle kanten uitstaat, haar oren versierd met lange oorbellen, lopend op een paar gympen, maar duidelijk gehandicapt in het lopen en bewegen, kortom ze is een beetje apart. Ze is open en vrolijk en ze maakt altijd een praatje.


Het is donderdagmiddag en als ik net een klant sta te helpen zie ik hem weer binnenkomen. Hij doet eerst zijn rugzak af en verwisselt zonnebril voor gewone bril. Dan sjort hij zijn rugzak weer om en slentert door de winkel. Zijn pas is altijd traag. Soms kijkt hij wel een half uur tussen de boeken uit de vroegere jaren, dan weer zoekt hij lang tussen computerboeken. Zijn keuze is zo afwisselend dat ik geen hoogte kan krijgen van die man. Heeft hij kennis van computers, is hij een leraar, is het een oudere man die hunkert naar de tijd van vroeger? Nooit zie ik hem bij de literatuur behalve bij proza- en poëzieboeken. Hij is een liefhebber van Peter van Straaten en hij houdt erg van gedichtenbundels in het genre van Lisselore Gerritsen.
Niet alledaags dus. Bij de tijdschriften kijkt hij hoofdzakelijk naar bladen over motoren, boten en computerbladen. Dan vraag je je af of hij soms motor rijdt, maar daar lijkt hij me dus helemaal geen type voor. Steevast als hij om drie uur in de winkel is, gaat de rugzak af, pakt hij een flesje drinken uit zijn tas en uit een klein vierkant doosje neem hij een pilletje. Het verbaast me telkens weer dat het altijd op dezelfde tijd is. Hij vergeet het nooit.
Meestal wat later dan hij, komt de vrouw binnen. Vandaag gaat het weer zo, hij is al meer dan een uur in de winkel, zij is er net een kwartier. Ze zegt tegen hem dat ze er is en waar ze zit. Hij knikt en gaat verder op zijn zoektocht . Zij loopt altijd meteen naar de boeken over gezondheid en psychologie, ik zie haar nooit bij literatuur staan. Af en toe snuffelt ze in de boekenvoordeelhoek en tussen de tijdschriften. Ze kiest altijd steevast het blad Esta en Plus. Dat zijn toch bladen voor vrouwen van een leeftijd van eind veertig, in de vijftig? Daar schat ik haar zeker niet tussen. Misschien koopt ze ze voor een ander. Zij is meestal zo klaar met wat ze zoekt en gaat dan aan de leestafel zitten en wacht tot de man klaar is. Als hij zijn keuzes heeft gemaakt, overhandigt hij zijn boeken en bladen aan haar en zij is degene die altijd komt afrekenen. Omdat ik weet dat ze ze spaart, heb ik altijd wel een nieuwe boekenlegger voor haar. De man wacht op gepaste afstand of is al naar buiten gelopen.


Wat me zo opvalt is dat deze man en vrouw kennelijk wel bij elkaar horen, maar er gaat nooit een verwijtende blik naar elkaar uit, dat de een op de ander moet wachten. Zij is nooit geïrriteerd dat ze moet afrekenen, het schijnt zo afgesproken te zijn. Ze zijn naar elkaar erg geduldig en soms kan een blik naar elkaar al genoeg zijn dat ze meteen vertrekken. Dat is iets wat ik dus nooit heb begrepen. Ieder vindt haar of zijn weg in de winkel en soms kan het ineens zo zijn alsof ze snel weg moeten. Dan is er geen van beiden die blijven wil, het is net een afgesproken teken.


Op dit moment is het erg rustig in de winkel en ik zie haar komen met hun aankopen. Hij loopt alvast naar buiten. Vriendelijk vraag ik of ik kan helpen en ze zegt dit alles graag te willen afrekenen. We praten wat over het boekenweekgeschenk van Geert Mak en over het boek van Harrie Mulisch wat was gekozen tot beste literatuur. Dan waag ik het erop: "U komt haast altijd samen met die man die nu naar buiten is gelopen in die gele jas. Is die man misschien doof? Ik heb hem al vaak gegroet en iets tegen hem gezegd, maar hij reageert nooit”. De vrouw kijkt me lachend aan:”Hij is wel bijzonder hé, dat klopt”. "IK zie u zo vaak en al jaren in onze winkel en ik maak er een sport van te bedenken wat mensen beweegt de voor hen van belang zijnde boeken aan te schaffen, maar bij u en die man, ben ik er al zoveel jaar mee bezig en het lukt me maar niet. Mag ik zo vrij zijn er naar te vragen?”.
De vrouw moet nu toch echt lachen en vrolijk zegt ze:”Maar natuurlijk, die man zoals u hem noemt is mijn partner, hij is autist. Afrekenen is contact maken en dat gaat niet bij hem. Hij herkent ook geen gezichten dus zal hij u nooit groeten als u hem ergens anders treft dan achter deze toonbank. En hij is inderdaad erg doof, dus zal hij u ook weinig gehoord hebben. Zoals u ziet, ben ik zelf gehandicapt, maar meer fysiek en wij vullen elkaar dus aan met onze handicaps. Ik doe wat voor hem moeilijk is en andersom. Daarom zit ik hier ook vaak even te lezen, omdat hij wat meer tijd nodig heeft dan ik. We weten dit van elkaar en dat is prima”.
“Goh”, zeg ik, ik hoop niet dat u me te brutaal vindt, maar ik observeer graag en u beiden heeft me voor vele raadsels gezet”. “Ja, dat geloof ik graag”, antwoordde de vrouw,”de meeste mensen begrijpen autisme niet zo goed en dat geeft niet. Wij hebben er een prima regel in gevonden en als het soms voor een van ons beiden helemaal teveel wordt, gaan we meteen weg. Dat is onze afspraak. Ik kom hier graag en snuffel graag, maar ik heb wel meer dan vijfduizend boeken, waaronder heel veel literatuur, dus eigenlijk zou ik niet meer moeten komen. Mijn man leest graag in alles wat afbeeldingen heeft en hij leest nauwelijks een boek met alleen tekst. Hij is dus visueel ingesteld. Hij bekijkt liever een film en ik lees liever het boek”.
“Nou, ik vind het fantastisch zoals u dat doet samen, en al helemaal nu me meer dingen duidelijk zijn”, zeg ik terwijl ik de nieuwe aankopen afrekenen en inpak. Ik doe wat extra speciale boekenleggers in de tas en overhandig alles aan de vrouw.
“Nogmaals bedankt hoor en tot ziens”, zeg ik ter afscheid en zij bedankt me en zegt: ”tot ziens zeker en ik hoop dat u het nu begrijpt, anders vraag me gerust hoor”. En dan vertrekt ze.
Buiten voegen ze zich bij elkaar en ik zie dat zij hem gaat uitleggen waarom het even duurde. Hij zat rustig op een bankje en rookte een sigaret, wachtend op haar. Ik ben blij dat ik het gevraagd heb, al vind ik het achteraf eigenlijk een beetje gênant, maar nu heb ik toch een heel ander beeld van dat stel, waarvan ik nooit gedacht zou hebben dat het partners of levensgezellen zijn.

Reacties (4) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Een plaatje van het front van de boekenzaak,zie hierboven dat breekt het verhaal een beetje.
Mooi geschreven zeker een DUIM waard Pork geeft die.
FAN is hij al.

DRIMPELS zijn als dromen in het water.
dank je wel Roswitha78maar wat zou je voor plaatje erbij willen zien?
ik vind het een bijzonder verhaal.. je hebt een leuke schrijfstijl... een plaatje zou ook wel leuk zijn eigenlijk ;)
Je hebt een mooie verhalende stijl, het leest veel beter nu met de indeling en gewone letters ;-)