Het cholesterol onder controle

Door Nobleman31 gepubliceerd op Friday 28 September 12:10

Het cholesterol onder controle

Cholesterol

Cholesterol geniet al tientallen jaren de aandacht en zorg van de media en de medische wereld, maar blijft toch een van de meest omstreden aspecten van de factoren die onze gezondheid beïnvloeden. Deskundigen zijn het niet eens over het verband tussen cholesterol en hartaandoeningen, en het publiek weet soms niet precies wat cholesterol is. Vaak worden de twee soorten cholesterol (voedings-cholesterol en bloedcholesterol) met elkaar verward. Voedingscholesterol zit in onze voeding en bloedcholesterol is van essentieel belang voor onze stofwisseling.

Wat is cholesterol?

Elke dag maakt de lever ongeveer 1 gram bloedcholesterol, het vettige wasachtige materiaal dat deel uitmaakt van al onze cellen. Bloedcholesterol is nodig voor het aanmaken van bepaalde hormonen en helpt bij de produktie van vitamine D en galzuren die de spijsvertering helpen. De risico's van hartaandoeningen door een te hoog bloedcholesterolgehalte zijn voornamelijk genetisch bepaald, hoewel voeding en overgewicht ook belangrijke factoren zijn. De erfelijkheid is natuurlijk niet te beïnvloeden, de voeding daarentegen wel.

Voeding kan helpen

Het gebruik van verzadigde vetzuren heeft het meeste effect op het bloedcholesterolgehalte en kan dat zelfs met 14% omlaag brengen. Amerikaans onerzoek doet vermoeden dat het eten van oplosbare voedingsvezels, te vinden in havermout, witte bonen, pectinerijke vruchten zoals grapefruit en gedroogd fruit, het cholesterolgehalte nog verder kan verlagen. Bepaalde stoffen in knoflook onderdrukken ook de aanmaak van cholesterol, in de lever. De hoeveelheid cholesterol in onze voeding zegt niet alles over het cholesterolgehalte van ons bloed. Dat wordt eerder bepaald door de hoeveeelheid verzadigde vetzuren in onze voeding. Men gelloft nu dat cholesterolrijke voedingsmiddelen het risico op hartaandoeningen bij gezonde mensen niet dramatisch verhoogt. Maar de meeste experts zijn het er wel over eens dat mensen met hartklachten, hartaandoeningen in de familie of een hoog bloedcholesterolgehalte het voedingscholesterol zouden moeten beperken. Grote hoeveelheden cholesterol zijn te vinden in eidooiers, orgaanvlees (vooral lever en hersenen) en in garnalen. De mate waarin die produkten - arm aan verzadigde vetzuren, maar rijk aan cholesterol - het bloedcholesterolgehalte beïnvloeden, is echter ook een groot twistpunt. Terwijl de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) stelt dat 10 eieren per week geen kwaad kunnen, adviseert de Nederlandse Hartstichting niet meer dan 2 eieren per week. En de Amerikaanse Hartstichting spreekt over 3 eieren per week. In de welvaartslanden bedraagt de gemiddelde dagelijkse cholesterolinname van mannen circa 390 mg en die van vrouwen circa 290 mg, voldoende om het bloedcholesterol met 5% te doen stijgen.

Gelukkig kan het lichaam de verhogingen in voedingscholesterol normaal gesproken wel gladstrijken. Bij de meeste mensen produceert de lever automatisch minder cholesterol als het voedingscholesterol te hoog wordt. Zelfs bij een aanzienlijke vetconsumptie loopt de gemiddelde gezonde persoon geen risico. Omdat ons bloed hoofdzakelijk uit water bestaat - dat zich niet met vet mengt - circuleert cholesterol door het lichaam, gekoppeld aan specifieke eiwitten die lipoproteïnen worden genoemd. Er zijn twee soorten: Lage Dichtheids Lipoproteïnen (LDL) en Hoge Dichtheids Lipoproteïnen (HDL). De LDL vervoeren ongeveer driekwart van het cholesterol in het bloed en een hoog LDL-gehalte betekent vaak ook een hoog cholesterolgehalte en dus een grotere kans op hartaandoeningen. Een hoog gehalte aan HDL (die veel minder vet meedragen) wijst op een kleinere dan gemiddelde kans op hartaandoeningen.

De risicogroep

Een hoog LDL-gehalte komt vaak door een defect (vaak aangeboren) aan een receptor in de lever die LDL uit het bloed moet verwijderen. Als de receptor niet goed werkt, slibben de aderen steeds verder dicht en ontstaat Atherosclerose. Hormoonafwijkingen, bijvoorbeeld bij mensen met diabetes of schildklieraandoeningen, kunnen de receptoren ook  'uitschakelen'. Omdat het vrouwelijk hormoon oestrogeen zowel het aantal als de effectiviteit van LDL-receptoren verhoogt en het bloedcholesterol-gehalte dus laag houdt, zijn vrouwen voor de menopauze minder gevoelig voor hartkwalen. Vrouwen hebben vaak ook een hoger HDL-gehalte en dat verlaagt de kans op atherosclerose en hartaan-doeningen nog meer. Lichaamsbeweging kan het LDL-gehalte helpen verlagen en het HDL-gehalte verhogen. Matige alcoholconsumptie - 3 glazen bier of 2 glazen wijn per dag - kan bij mensen die niet te zwaar zijn ook het HDl-gehalte verhogen. Overgewicht verlaagt echter het HDL-gehalte. Medicijnen die de hoeveelheden aan lipoproteïnen moeten veranderen, helpen vooral bij mensen met een veel te hoog  cholesterolgehalte. Maar ondanks die medicijnen blijft een cholesterolverlagend dieet van groot belang. Het is vaak verstandig om hierbij hulp van een diëtist in te roepen.

Het cholesterolgehalte bepalen

Net als vele andere metingen is de bepaling van het cholesterolgehalte een momentopname. Overleg met de huisarts hoe vaak en met welke tussenperiode men de bepalingen laat verrichten. Het bloedcholesterolgehalte wordt gemeten in millimol per liter (mmol/l) en aan de hand daarvan berekent men de kans op hartaandoeningen.

Cholesterol Risicofactor
Lager dan 5 mmol/l Laag
5 - 6,5 mmol/l Gemiddeld
6,5 - 8 mmol/l Verhoogd
Hoger dan 8 mmol/l Sterk verhoogd

 

Maar bij het bepalen van het risico spelen ook andere factoren mee. Men dient rekening te houden met familiaire hartaandoeningen en met persoonlijke leefwijze. Voor een gezond persoon is een cholesterol-gehalte van 6,4 misschien acceptabel, maar voor iemand met een angina pectoris (een drukkend, respectievelijk zwaar gevoel en/of pijn midden op de borst) of met familieleden met hartaandoeningen is 6,4 mmol/l gevaarlijk hoog.

Het cholesterol onder controle

In het verleden werden veel hartaandoeningen, zoals angina pectoris, trombose en problemen met de kransslagader, toegeschreven aan een te hoog cholesterolgehalte, de benaming voor zowel voedings- alsook bloedcholesterol. Voedingscholesterol kan de gezondheid wel schaden, maar men beschouwt nu het (erfelijk hoge) bloedcholesterolgehalte als de grootste bedreiging voor een gezond hart. Uit recent onderzoek blijkt dat verzadigde vetzuren en transvetzuren het bloedcholesterolgehalte soms ongezond kunnen doen stijgen. Een gezonde voeding biedt  een behoorlijke bescherming tegen een te hoog bloedcholesterolgehalte en kan zelfs verlagend werken.

Voedsel dat het cholesterolgehalte kan verhogen:

  • harde margarine en bakrpodukten rijk aan verzadigde vetzuren
  • vet vlees en vleesprodukten zoals lamskoteletten, gehakt, hamburgers, ham, worst, salami, paté en vleespastei
  • koek, taart, chocolade en gebak
  • volvette zuivelprodukten, zoals harde kaas, room en boter

 

Voedsel dat het cholesterolgehalte kan verlagen:

  • volkorenbrood, volkoren crackers en meergranebrood
  • fruit, zoals sinaasappels, peren, bananen en gedroogde vruchten (abrikozen, vijgen en pruimen)
  • havermoutpap en ontbijtgranen met ekookte zemelen
  • groenten zoals suikermaïs, peultjes, uien, knoflook, tuinbonen, rode kidneybonen en sperziebonen

 

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Ik heb angina pectoris. dus is dit weer een weetje voor mij.
Goed geschreven maar lees ook eens van een ander.
Een DUIM waard een FAN was ik al.

DRIMPELS.
goed artikel