In de lichtheid van mijn bestaan ben ik eigenlijk een bakbanaan

Door Weltevree gepubliceerd op Friday 28 September 12:12

Kijk ...dat is dus wat ik bedoel, mijn beste... men begrijpt mij niet.

Hoezo hebben mensen geen plank voor de kop als ze de schoenen niet aantrekken die speciaal voor hen op maat gesneden zijn? Maar ach, wat geeft het, als je maar gelukkig bent.

Ik zou mijn werkstukjes zelf géén echte juweeltjes durven noemen

Er pebeetjes over rondsturen, zodra ik ze heb gepubliceerd, durf er zéker niet. Noem me niet jouw liefje, alsof je me aardig vindt, want ik geloof er geen reet van dat daar geen bijbedoelingen bij zijn. Wat maakt dat van mij? Een domme uitgedroogde taart die wat kruimels voor later bewaart?

Men leest mij, of niet, maar ja, wellicht heeft de ene persoon uiteindelijk toch wel gelijk. Ooit noemde ze mij een voor- of achterdeur narcist. Toen ik vroeg wat het verschil tussen die twee was kon ze zich dat niet meer herinneren. Dus, ik ben daar nog steeds niet echt achter. Ik wacht derhalve rustig af.

Zelf zou ik mijn ziekte dan toch net ietske origineler benoemen.


Een schuifdeur-bordeliner. Dat heeft toch op zijn minst nog iets te maken met de vermeende symptomen die je daarvoor, naar mijn bescheiden mening dan, nodig hebt. Een echte grenslijner, ziet geen enkele grens. Die overschrijdt ze met gemak en ook nog in een soort onbedwingbaar moeten, alsof men geen grip heeft op zichzelf. Dat heb ik geloof ik wel, maar zeker ben ik er óók niet van, dus pak me er niet op. 

Als men sommige echte rechtlijners vraagt de lijn in een verhaal te volgen schieten ze bij de eerste associatie (die hen woest maakt) de smoezenzijweg in. Om daar in trillende ellende achter de bosjes weg te kruipen. Schuifdeurgrenslijner ben ik dan dus, want dat vluchten zal ik nooit doen. Als ik een mening heb steek ik die niet in de plantenbakken. Ik denk namelijk niet dat mijn mening een hangbegonia is, die met een beetje slijmerij wel amechtig over de rand zal groeien van plezier. Niet van dat benauwde.

Zet mij maar op de pot.

Ik draai er met plezier een dikke bolus in, die niet stinkt. Meestal trek ik daarna tevens zelf mijn keurig uitgemikte rondborstig glimmende stijloefening (in zelfgeleide meditatie) door. Ik ruim mijn eigen troep achter mijn achterste op, bovendien vraag ik niemand om mijn billen af te vegen. Dat kan ik al zelf vanaf ik me heugen kan. Daarbij komt, al zou ik het willen, er is hier niemand anders dan deze webkip om iets aan te vragen.

Misschien ben ik wel een soort van valkuil-autist

Omdat ik zo onmogelijk naïef ben om mensen op hun woord te geloven.

Iemand zei me dat hij gemeen was en ik haalde het niet in mijn hoofd dat te betwijfelen. Toch moest hij dat uitvoerig aan mij bewijzen. Gossie, wie is hier gek, dacht ik nog net, voordat hij er met mijn geld vandoor ging. Waarom ik daar NIET heel Nederland bij heb gehaald? Kom zeg, ik had er maar twaalf jaar voor gespaard en er zou vast wel iemand komen om me te helpen. Een sterke vent die hem aan zijn verstand zou timmeren dat hij géén recht had op die centjes. Nooit hulp gezien die werkte. Ach ja… inmiddels weet ik het ook wel. Het geluk is met de dommen. Ik wacht er nog wel een paar jaartjes op en zonder de genoegdoening van het (bewijsbaar aan mijn zijde staande) gelijk ben ik toch zeer gelukkig gebleven. Ik houd van het leven, dat me telkens weer zulke fijne dingen bijbrengt. Hoe zou ik anders kunnen begrijpen wat het is om een vuile oplichter te zijn? Als ik hem tegenkom krijgt hij een vuurrode kop en ik? Ik haal mijn schouders op. Hoe zou dat nou toch komen?

Ik heb een hekel aan manipulatie in welke vorm dan ook

DAT kan men een jeugdtrauma noemen. Door de wol geverfd wist ik precies welke spelletjes ze thuis speelden. Om het samen te kunnen winnen. Van wie? Een driejarige? Wat haalt zo’n vrouw zich daarbij in het hoofd? Dacht broertjelief nou echt dat ik net zo blind was als hij? Wisten ze beiden niet dat kinderen alles doorzien? Denkt hij nu echt dat ik na al die jaren wel een stukje dommer geworden ben? Nee, ik zwijg, kijk, tot het mijn spuigaten uitkomt en dan houd ik het toch altijd nog zeer netjes. Waarom schelden en van een manipuleerder een redelijk gesprek verwachten? Dat zou mijns inziens pas echt dom zijn.

Nog liever noem ik mezelf een valluik-paragnost.

Dat woord is in de associatiegolf plotsklaps aan mijn gestoorde brein ontsproten. Ik hou van woordspelletjes en na die voor- of achterdeur-narcist klooide ik spontaan verder met waardeoordelen die via zelfspot ontstaan... Nou is zelfspot alleen voorbehouden aan hen die om zichzelf en de bijbehorende eigenaardigheden kunnen lachen. Ik neem mij graag op de hak. Dat neemt veel lieden de wind uit de zeilen. Ik ben de enige die van de grapjes over mij onderuit kan keilen.


Zo kwam er in mijn dwangneurotische spel om lijstjes te maken 

 

nog een Bloembak-paranooitje op de proppen.

Plus een hangoorverslaafde. Mijn balkon staat vol met door ADHD gepokonde kunstmestplanten. Een Pededenosser in het hoekje, want hij kan niet zo goed tegen de zon. Er staat één Asparger tussen die groen en geel ziet van jaloezie, maar vertellen wat er aan scheelt? Nee hoor, dat kan ie niet. Ik wil me ook niet met hem meten, hij is echt de grootst gekroonde in mijn mobiele hangende vakantietuin. Af en toe komt hij binnen buurten. Een goed gesprek kan hij niet voeren want sociaal heeft hij zijn hoogbegaafde brein niet echt goed bij kunnen benen. We drinken slappe koffie, kletsen wat onsamenhangend. Als hij weer naar zijn groentenbak op het balkonnetje gaat, voel ik me lief en aardig om de verrichte goede daad. Denk ik. Denkt hij, dus zijn we beiden blij.

Ik ben van plan een boekje te openen in het licht op de onuitputtelijke lichtheid van mijn psychotische bestaan in de hangende tuin van mijn leven... want ik kom zoveel omgedraaide werelden tegen. Ikzelf ben het aller-slechtste voorbeeld van de gebabygeboemde rebirthing-maatschappij, de meute hebzuchtigen en leugenaars willen mij er niet graag bij. Wie goed in het vel zit krijgt eenvoudig geen plaats, want zodra je alle opzichtige truukjes doorziet pies je er al snel naast.

Ondertussen hou ik als rechtgeaarde dwang-neurotische fetisjist

al mijn rijmwoordjes bij! 

In mijn hoofd. 

 

 

Niet in een boekje

want ik ben wat paranoide aangelegen.

Ik vermoed dat anderen ervan mee zullen profiteren. Na de eerste associatieklop op de deur van mijn brein poppen halfzachte lijmrijmsels spontaan op. Daar is goed mee te leven, hoort een beetje bij mij. Die vrije associaties maken me zelfs blij. Veelzijdigheden ten overvloede, want er is altijd wel een syndroompje waar een waarheid van een koe in schuilt. Ik verzeker u, met gemak valt u dat ene vlekje op in het zwart-witte boekje over mijn eenzame bakbananen bestaan. Ze hebben er nog geen passende naam voor gevonden, maar als je zijn droom heel snel uitspreekt transformeert het vanzelf. Zijn droom... zzzz. Zijn droom...

Zijn droom-zijndroom-sindroom.
Nou de goede schrijfwijze nog.

Reacties (9) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Zo............. mijn hersens kraken.......ff bijkomen hier.
Je hebt een heerlijk tuintje op je balcon :-)) heerlijke associatiegolfwoorden!
Een stemmingswisselend artikel. De ene keer heel grappig, de andere keer sarcastisch, dan weer verdrietig en ook nog eens hersenbrekend met al die moeilijke woorden. Het duurde even voordat mijn hersenen de emoties en feitelijke woorden kon samenvoegen tot een geheel. Een echte uitdaging dus. Een dikke duim verdiend. Wat is paraoide?
Zo. Het is dat ik geen bier drink, anders had ik een Bavaria gepakt. Maar ik lust het niet. Echte mannen drinken bier. Dan maar geen echte man, ik spring liever over gestruisvogelde kop-in-het-zanders, en wel volkomen nuchter. Hoewel ik gelijk het verhaal van Obelix, niettemin dan de toverdrank, ik wel in een baarmoeder vol Red Bull moet hebben gezeten, getuige mijn onoverwinnelijke energie waar ik nochtans zelf gek van wordt. Ware het niet dat ik overdag te bedde ga omdat in de slaap rond nachtelijke uren, de dwaalsporen van een brein zo vol van alles willen weten, doordraait en doordraait. Maar wat we ook zijn, waarde Weltevree, we hobbelen in een wereld waarin alles mogelijk is. Pluk de vruchten van de schoonste bomen en geniet van elk ademteugje. Elke pijn is te overwinnen en zo geschiedde het dat een mens geboren wordt en weer afscheid neemt om tussendoor proberen een zo'n mooi mogelijk leven te mogen en kunnen leiden. Dank voor het meeleven in jouw breinspinsels ...
En word is zonder T. Sjongejonge, als ik me nu ook nog in de Derde Persoon ga uiten, dan moet ik haast wel een persoonlijkheidsstoornis hebben opgelopen de afgelopen weken ... Maar ik ben niet in de Tropen geweest. Dat niet.
Opgelucht? Ach het is een woordspelletje dat zomaar even op popte... maar inderdaad, mijn hart is geen moordkuil, ik heb het wel op de tong. Ik heb er efkes van genoten om mijn associatieve suggestieve op te laten bloeien. PDDNOS is een 'verzamelnaam' voor bijzondere kinderen, Jos.
Dank jullie wel.
Je maakt van je hard geen moordkuil, en schrijven is ook een opluchting. Duim