Naaldmeerval, farlowella acus, farlowella

Door Vissenopvang gepubliceerd op Friday 28 September 12:10

De farlowella acus, heb er zelf twee, mooie vis. Vriendelijk en zeker niet dom te noemen, wel grappig.

De naaldmeerval



Synoniemen:

Over de namen is nogal wat verwarring. Op bepaalde site’s heten ze f.vittata, terwijl het meestal farlowella acus wordt genoemd. De laatste naam past het beste bij het karakter van de vis. De naam komt van een amerikaans botanist (farlow) acus is latijns voor naald, en de naam doet hij eer aan door de mooie naald vormige snuit van de vis.

Herkomst:

Deze soort is familie van de Loricariidae. Deze zie met name in Zuid –Amerika.

 

Uitstraling:

Dit soort wordt ongveer 25 cm lang. Door de diverse bruine tinten kan hij soms erg verstopt zitten tussen takken en bladeren en herken je hem soms niet. Door zijn spits uitlopende bek, zijn langgerekte vislichaam laat hij vele medebewoners denken een rover te zijn. Integendeel is dit niet een van de moeders mooiste, maar wel eentje met karakter.

Karakter:

Het zijn geen drukke vissen, ze vinden het heerlijk om op bladeren en takken te hangen / plakken. Ze kleven aan de ruiten op zoek naar algen, waar ze dol op zijn. Ze kunnen bij grote schrik, dreiging wel hard door het aquarium schieten en zijn daardoor soms moeilijk te vangen. Dit doen zijn horizontaal en verticaal, en daarbij ook weer apart in hun soort. Hiervoor gebruiken ze de caudale vin (rugvin) die ze als een zakdoek laten wapperen. Hij heeft een onderstandige bek, met een zuignap waardoor hij zich goed kan vastklampen, ook bij snelstromend water. Hierbij valt wel op dat het niet de handigste zwemmers zijn. Omdat zij soms onhandig zijn, laten zij zich gauw onderdrukken door de grotere meervallen. Hierdoor is een combinatie met andere meervallen af te raden. Door de vorm van zijn mond en de aanwezigheid van hele kleine scherpe tandjes op de lippen, die functioneren als een rasp is hij in staat om algen af te schrapen van stenen en / of kienhout. Wat deze vis verder nog siert, is het membraan van het oog, die reageert op de lichtintensiteit, dit wordt groter of kleiner. Deze vis laat andere soorten met rust, valt niets aan, wel is hij territorium gebonden, doordat hij steeds op dezelfde plek blijft.

 

Aquariumeisen:

Een aquarium van minimaal 1.20 lang. Ze kunnen goed in een gezelschapsaquarium. De temperatuur mag tussen de 24 en 27 graden zijn. De ph mag tussen de 6 en 7 zijn. Deze vissen zijn gevoelig voor waterveranderingen waardoor regelmatig onderhoudt en wekelijks waterverversing vereist is. De bodem mag bestaan uit zand of rijn zand. Er mogen planten in met grote bladen, aangezien ze hier vaak op rusten. Ook grote stukken kienhout vinden ze erg fijn. Als medebewoners zijn niet te actieve vissen zoals tetra's en Corydoras geschikt, ook dwergcichliden zijn geschikte medebewoners. De drukkere soorten als Barbussen worden afgeraden.
Ook het gezelschap van meerdere grote meervallen is niet aan te raden. Dit omdat ze zich naar de Farlowella's toe nogal eens pesterig kunnen gedragen waardoor de minder beweeglijke Farlowella's zich nog wel eens in een hoekje laten drukken.


Voeding:

Dit soort eet veelal groenvoer. Hierbij kun je denken aan komkommer, sla. Algentabletten mogen hierbij zeker niet ontbreken. Diepvriesvoer en vlokken, mogen ook als extra gegeven worden.

 

Voortplanting:

De mannen zijn vaak iets groter en hebben een iets ruwere neus. De vrouwen zijn vaak wat voller gebouwd, en de mannen over het algemeen slank.
Tip: een pvc-buisje neerleggen, hierin zet de vrouw de eieren af, en de man bevrucht ze. Vervolgens je ze rustig overplaatsen naar een ander aquarium.


Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Leuke informatie!
Duidelijke beschrijving weer toppie.