Het schrijven van een fantasie; Exelentium.

Door Dashill gepubliceerd op Friday 28 September 12:12

Exelentium, dat zich afspeelt in een wereld verdeeld in kleine onafhankelijke staatjes; Paleisdommen. Een van deze paleizen onderscheidt zich door een unieke monopoly positie te hebben, dat van het mijnen en vervaardigen van Exelentium - een uniek metaal met bizarre eigenschappen. En gekoppeld aan deze macht, komt arrogantie, arrogantie waar de andere paleizen steeds moeilijker vrede mee kunnen hebben. Welkom in Edelbrug... Hoofdstuk 1. Gedeelte 1.

Hoofdstuk 1. Het Roestige Aambeeld.

De vorige nacht had de harde ijzige wind een dik wolkendek meegevoerd. De wind ging liggen, en de wolken hadden geen andere keuze dan de donzige sneeuwvlokken te laten neer dalen over Edelbrug. De vlokken zweefden rustig en vredig richting de straten van de stad, en stapelde zich langzaam op elkaar om een dek van sneeuw te vormen. De kanalen in Edelbrug waren bevroren, dit tot groot genoegen van de kinderen en zelfs de oudere want dit betekende geen omwegen voor het zoeken van een brug – bruggen waar Edelbrug bekend om stond. De stad was een verzameling steeds groter wordende grachten, met in het midden het paleis, omringd door de Paleistuinen die er nu grauw en triest bijstonden, maar in de lente tot de herfst een geur en kleurenpracht lieten zien, dat bij veel wezens ontzag afdwong. Om de Paleistuinen cirkelde de Paleisgracht gevuld met exotische vissen en planten. De binnenste ringen van de stad waren van adel. De huizen waren groot, netjes en omringd door prachtige tuinen. Elk huis had zijn eigen kleur, en de architectuur was vrijwel hetzelfde op de kleuren na; hoekig, puntig met torentjes, speelse bochten en kleine raampjes, en veel sierlijk glas in lood. De buitenste ringen waren voor de armen en het gespuis. De huizen klein en vaak vervallen, grijs doordat de verf afgebladerd was en lappen grond die ooit dienst deden als tuin maar nu overwoekerd waren door onkruid. De ring, grenzend aan de stadsmuur heette de Steenring.

De steenring was het grootste, maar ironisch genoeg telde het ook de minste inwoners. Dit omdat het simpelweg een vervallen gedeelte van de stad was, en het vrijwel tegen de stadsmuur aan stond en onder constante bewaking van de wachters stond. Ook grensde het aan de zevende industriële ring, dus leefomstandigheden waren niet optimaal. De mensen die er nog woonde waren lieden die loyaal waren aan dit gedeelte van de stad, of mensen die  slecht te been waren, of niet genoeg dremen hadden om naar de binnenste ringen te verhuizen. Edelbrug stak weinig tijd zorg of dremen in deze ring en dat was dan ook goed te zien. Een gebouw viel op, dit gebouw was een stuk groter en een heel stuk breder. Het stond er alsof het zich niet helemaal thuis voelde tussen zijn koude grijze soortgenoten. Het had een dikke lange schoorsteen dat bedreven rook naar buiten spuwde en het gebouw had een opvallende bruine kleur. De buitenkant was goed onderhouden en geen enkele raam was gebarsten, iets wat niet opging voor de rest van de gebouwen. Voor de ingang van het gebouw hing een bruin uithangbord met een aambeeld en een hamer afgebeeld  met de volgende tekst: “Het Roestige Aambeeld.” Opvallend waren de mensen die langs het gebouw liepen. Ze schenen afstand te houden en liepen minder luidruchtig en nonchalant langs de grote brede deur af. Voor de deur waren sporen gemaakt door brede wielen, en paardenhoef afdrukken liepen van en naar de deur. Het geluid van ijzer dat op elkaar knalde ontsnapte door de muren heen  en een geur die leek op olie en ijzer omringde het gebouw.

Een statig figuur stapte driftig door. Zijn kledingdracht stond niet bij de Steenring. Een hoge hoed met rode band daaronder zijn rode kroezige haar blauwe ogen, perfect witte tanden en ietwat smalle gezicht vergezeld met een sproet of drie. Een zwarte mantel, met een rode voering wapperde achter hem aan. Het gedempt tikken van zijn houten staf op het sneeuwdek leek respect af te dwingen van de mensen en ze gingen dan ook direct aan de kant bij het naderen van het geluid. Op zijn borst hing een miniatuur versie van het Wapen van Edelbrug; een paleis met acht ringen eromheen gezet in een schild met aan een kant een pikhouweel en aan de andere kant een feniks. Het lintje waarmee het wapen aan zijn borst hing bestond uit drie kleuren dat horizontale strepen trok; oranje, wit en blauw, dit waren de Paleiskleuren en waren over heel Edelbrug zichtbaar. Aan zijn zijde liepen twee wachters, beiden droegen een helm met een groot oranje pluimende veer die vast zat aan een zilveren helm dat gegraveerd was met het Wapen van Edelbrug. De wachters droegen een borstplaat van een wit achtig metaal, dat gek genoeg mee bewoog met hun lichaam; Exelentium. Exelentium was een als niet het meest waardevolle en meest gewilde materialen van alle Paleizen. Maar het had een groot nadeel; het materiaal bevroor bij abrupte bewegingen, maar verloor zijn metaal achtige eigenschap bij rustige vloeiende handelingen. Pijlen en zelfs kogels waren niet instaat om door dit kostbare metaal heen te breken. De wachters droegen beide een degen, een dun zwaard met een sierlijk krullend zilver gevest en beide droegen een kruisboog op hun rug.

Deel 1, van hoofdstuk 1.

© Leon Jacobs - 2012

Reacties (3) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
leuk te lezen! inderdaad, wat plaatjes of fotos maken het af. duim
Bedankt voor het lezen, excuses voor typ of grammatica fouten. Feedback is meer dan welkom :) Hoofdstuk 1 is af, ik zal snel vervolgens posten.

Groetjes,

Leon.
Je mag wat foutjes maken hoor. Het artikel wordt nog leuker met wat afbeeldingen erbij.
Duim en fan erbij.