Het Wederzijds huwelijks bedrog

Door RutgerB gepubliceerd op Friday 28 September 12:12

Type een korte omschrijving over uw artikel

Het wederzijds huwelijks bedrog

Het wederzijds huwelijks bedrog staat in ouderwets Nederlands geschreven. Datkomt omdat het uit 1714 komt en men dus nog zo sprak en schreef. Het is een boek uit de verlichting. Omdat het een blijspel is, is het humoristisch geschreven en zit er eindrijm in. De titel slaat op het huwelijksbedrog van Klaar en Hans, Charlotte en Lodewijk en Karel en Sofie. Het stuk telt vijf bedrijven, die volgens de regels naar het hoogtepunt en de ontknoping voeren. Het verhaal speelt zich af in Utrecht. In het huis van Charlotte en gedeeltelijk in de herberg waar Jan en Lodewijk verblijven en daarnaast speelt nog een klein deel zich af op de straat die loopt tussen de herberg en het huis van Charlotte.. De  tijd waarin het verhaal zich afspeelt is 1 dag. De opening is in de handeling, want je zit gelijk midden in een wandeling van Lodewijk en Jan door Utrecht. Het einde van het boek is gesloten, dus een gesloten einde .Het verhaal is ongeveer helemaal chronologisch geschreven. Wel is er één flash-forward. Er is geen sprake van versnelling of vertraging. De vertelwijze is geschreven in de ik-vorm. De motieven zijn Het wederzijds bedrog van Charlotte en Lodewijk en liefde en huwelijk.

Personages

Er komen in totaal twintig mensen in voor, waarvan er dertien wat zeggen en de overige zeven zwijgen. De belangerijkste personages zijn:Lodewijk van Kaalenhuizen: is een arme Utrechtse edelman, die zich voordoet als de rijke Poolse graaf van Habislouw (wat letterlijk ‘ik heb niets’ betekent). Hij is aan lager wal geraakt en alleen een rijk huwelijk kan hem er bovenop brengen. Hij wordt verliefd op Charlotte. Die liefde wordt alleen maar groter doordat hij denkt, dat Charlotte heel rijk is. Doordat hij zich voordoet als graaf hoopt hij zo te mogen trouwen met Charlotte.Charlotte Adelpoort: een slimme verarmde adellijke juffer, die als een blok voor Lodewijk valt. Ze is dan wel van adel, maar niet rijk. Haar familie heeft alleen maar schulden. Ook haar liefde wordt beinvloed door de indruk van rijkdom. Ook zij doet zich rijk voor, dit om in de smaak te vallen bij Lodewijk.Jan: een verlopen soldaat, een vriend van Lodewijk. Hij doet zich, deels op verzoek van Lodewijk voor als baron van Schraalenstein (eenvoudige steen). Op die manier hoopt hij Klaar voor zich te kunnen vinden. Hij bedriegt mensen zonder enige moeite, zelfs zijn eigen vriend.Klaar: de brutale meid van Konstance en Charlotte. Ze is verliefd op Jan. Maar zou ook met Hans gaan trouwen. Jan belooft haar ook dat hij met haar zal trouwen en dat ze barones zal worden. Hierdoor heeft ze geen moeite om Hans te bedriegen en als uit vuil te behandelen. Klaar drijft de spot met onder andere Charlotte en doet haar na.Hans: de vrijer van Klaar, hij wil met haar trouwen.Konstance van Adelpoort: zij is de moeder van Charlotte. Ze speelt bij de liefdesaffaire van Charlotte een belangrijke rol, ze wil haar dochter graag aan een rijke huwelijkspartner helpen.Karel van Adelpoort: een legerkapitein, zoon van Konstance. Hij is de reddende engel, die voorziet dat Lodewijk en Jan helemaal niet rijk zijn. Zelf blijkt hij zich echter ook aan bedrog schuldig te hebben gemaakt door Sofie te hebben wijsgemaakt dat zijn moeder een grote schat heeft.Sofie: de vrouw van Karel, en de zus van Lodewijk.

Samenvatting:

Het classicistisch blijspel speelt zich af Utrecht. Lodewijk, een edelman, loopt met zijn vriend Jan, een verlopen soldaat, te slenteren door de stad. Jan begint te klagen dat het lopen zo lang duurt en hij wil weleens weten waarom Lodewijk daar eigenlijk wil rondlopen. Lodewijk legt uit dat hij op zoek is naar een dame die hij de vorige dag zag wandelen in de Maliebaan.Jan snapt het niet, Lodewijk is edel geboren maar kan niet de levenswijze van een heer van stand er op na houden, en dat was erg belangrijk in die tijd om met iemand te kunnen trouwen. Samen hebben Lodewijk en Jan niet veel geld, alles wat ze hebben, hebben ze verdient met kaartspelen en ze hadden afgesproken om het gewonnen geld precies door tweeën te delen zodat ze allebei de helft zouden krijgen.Lodewijk heeft een plan bedacht om de dame te verleiden. Hij wil een graaf spelen en dat moet Jan een baron zijn, zijn neef. Ze willen knechten huren en een koets om in te rijden. Maar Jan vindt dan dat hij nieuwe kleren nodig heeft en ze spreken af dat hij naar een kledingverkoper gaat en Lodewijk naar de waard om hun bagage op te halen want ze moeten ergens anders gaan logeren. Jan contracteert ondertussen nog een paar lakeien.Eenmaal bij de waard vraagt Lodewijk om logeergelegenheid voor een graaf, twee of drie lakeien en een baron. Terwijl de waard en Lodewijk zacht praten nadert Charlotte, een adellijke juffer met haar meid Klaar. Charlotte praat hardop tegen Klaar met de boodschap wat ze allemaal moet halen. Ze noemt allemaal heel dure dingen op en Klaar herhaalt heel zacht allemaal goedkope dingen. Ook Charlotte moet dus op haar centen letten. Lodewijk is klaar met de waard en ook Charlotte is weg.Lodewijk loopt dan naar Klaar toe en presenteert haar een kleine gift. Maar in ruil daarvoor wil hij graag weten wie de dame is die er net was, Charlotte dus. Klaar vertelt dat zijn het puikje van de stad is en aan elke vinger wel een vrijer kan krijgen, haar moeder bezit een grote schat.Klaar vraagt dan waar Lodewijk aan wil beginnen, en Lodewijk vertelt dat hij graag met Charlotte zou trouwen. Lodewijk geeft Klaar wat geld als zij beloofd om af en toe verslag te komen doen van wat Charlotte van Lodewijk vindt.Even later komt Charlotte luidruchtig aangelopen en vertelt dat haar parelsnoer is gestolen. Lodewijk gaat erachter aan maar kan de dieven niet meer stoppen. Charlotte vertelt ondertussen aan Klaar dat het allemaal maar opgezet is om Lodewijk voor zich te winnen.Dan krijgen Charlotte en haar moeder Konstance een zak met geld van de bode. Er zit een brief bij, het is van Charlotte broer, Karel Adelpoort. Hij vertelt dat alles goed met hem gaat, dat hij onlangs getrouwd is en binnenkort langskomt.Lodewijk en Charlotte proberen steeds meer indruk op elkaar te maken door te doen alsof ze nog steeds hoog van adel zijn en erg veel geld bezitten, terwijl ze dat allebei niet hebben. Jan, die zich voordoet als Baron, probeert Klaar te versieren die eigenlijk zou gaan trouwen met Hans, haar vrijer. Maar dan gebeurt er iets ergs, Konstance is het er niet mee eens als Lodewijk en Charlotte met elkaar trouwen. Dan komt Karel langs, hij praat met Charlotte over de graaf die haar bemint, Lodewijk dus en Karel wil een keer met hem praten. Maar Lodewijk weet dan nog niet wie Karel is en heeft hem wel samen met Charlotte gezien en vreest nu dat Charlotte iemand anders heeft.Als Klaar en Jan aan het praten zijn komt Karel met zijn lief Sofie binnen. Ze wordt hartelijk ontvangen. Maar Jan begint het warm te krijgen, hij herkent Karel ergens van en moet zo snel mogelijk weg zien te komen. Maar het is al te laat, Karel begint vragen te stellen en weet even later zeker dat Jan de soldaat was die met zijn paard uit het leger is vertrokken. Dan vraagt Karel naar Jan’s naam en die geeft Jan, een erge lange, verzonnen Poolse naam. Maar als Klaar en Jan bij de deur zijn roept Karel snel: ‘Jan! Jan, luister nog even’. En Jan keert zich om en zo komt Karel erachter wie hij dan echt is en trekt zijn degen. Jan verliest en even later wordt Lodewijk gevraagd om langs te komen omdat die nu waarschijnlijk ook niet de waarheid heeft verteld. Karel probeert uit Lodewijk te krijgen dat hij ook geen echte heer van stand is en vraagt hem even later om te bekennen wie hij is. Lodewijk vertelt dan dat hij afstamt van een oud en adellijk geslacht maar dat in de loop der tijd tot steeds meer armoe is afgegleden. Hij vertelt een ontroerend verhaal en Karel vraagt hem later naar zijn naam. Lodewijk Van Kaalenhuizen. Karel vraagt hem of hij eerlijk is en Lodewijk vertelt hem dat hij zijn zuster en moeder achter heeft gelaten toen hij vertrok, zijn jongste broer was toen al gestorven. Dan weet Karel het zeker, het is de Lodewijk die zoveel jaren werd vermist. Dan kijkt Sofie eens goed en herkent in Lodewijk haar broeder. Ze zijn verenigd en besluiten om terug te keren naar Brussel. En Jan, die wil niks met Lodewijk te maken hebben na het gevecht met Karel.

Piet Langendijk
Het wederzijds huwelijksbedrog is geschreven door Pieter Langedijk. Pieter Langendijk is geboren in Haarlem op 25 juli 1683 en is overleden op 18 juli 1756. Hij was een damastwever, patroontekenaar, toneelschrijver en dichter.
Pieter Langendijk is de zoon van een metselaar in Haarlem. Zijn vader stierf toen hij nog erg jong was. Hij verhuisde samen met zijn moeder naar Amsterdam waar hij een opleiding tekenen en schilderen begon. Toen hij 28 jaar was kwam zijn eerste werk uit. Dit was een groot succes. Hierna volgden de kluchten De Zwetser en Het wederzijds bedrog. Hij schreef in de daarop volgende jaren  ook veel komedies.
In 1722 werd hij in Haarlem benoemd als patroontekenaar. Hij had een woning in en buiten de stad, hij was dus erg rijk. Toen zijn moeder stierf trouwde hij met een bazige en humeurige vrouw, die 11 jaar later stierf. Aan het einde van zijn leven schreef Langendijk hij een paar treurspelen, maar dit was geen succes. In 1747 moest hij een groot deel van zijn bezittingen verkopen. Hij kreeg een gratis plaats in het Proveniershuis en moest als tegenprestatie een – onvoltooid gebleven- stadsgeschiedenis van Haarlem schrijven Op zijn ziekenbed werd Langendijk gedoopt, 5 dagen daarop stierf hij.
Langendijk besteedde veel aandacht aan de vorm van zijn boeken en Kluchten: hij schreef stukken van vijf bedrijven met vergelijkbare lengte, waarin de symmetrie een rol speelde.

Reacties (2) 

Voordat je kunt reageren moet je aangemeld zijn. Login of maak een gratis account aan.
Wat een prachtig artikel!
Weer wat geleerd,duim en fan erbij.